Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat glansrijke visioen op, zoo dikwijls in hare eerste jeugd aanschouwd, zonder dat zij het ooit moede was geworden, en bijna onmiddellijk werd het verdrongen door een ander beeld, dat van eene nederige Boeren-woonkamer, waar zij thans steeds hare Zondagavonden doorbracht. Hare schoonouders zaten daar, in heel hun eenvoud met een keteltje koffie naast zich op tafel, terwijl Elisabeth de dikke boterhammen voorsneed en smeerde en Herman met zijn vader over het vee of den oogst praatte en zijzelve, ondanks al haar goeden wil, niets vond te zeggen !

,,\Vie zijn die Cunningham's ?" vroeg zij haastig, als wilde zij een anderen loop aan eigen kwellende gedachten geven.

„Avonturiers," lachte Jack.

,,En gij hebt ze hierheen gebracht ?"

„Kindlief, gij kijkt mij aan met niet minder dan heilige verontwaardiging, alsof ik daarmede iets afschuwelijks had bedreven. Waarlijk, men zou zeggen dat gij reeds jaren onder dat Boerenvolk hadt doorgebracht, die ook altijd van geweten en dergelijke dwaasheden meer spreken, naar ik hoor. Gij kunt onze oude, vroolijke wereld toch nog niet zoo geheel en al vergeten hebben, om niet te weten dat men het daar zoo nauw niet neemt met iemands ondeugden, mits hij slechts amusant zij; en dat is dit echtpaar ten zeerste ; men verveelt zich,

Sluiten