Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NEGENDE HOOFDSTUK.

Nog een tweetal minuten nadat het gedruisch der hoefslagen in de stilte van het eenzame landschap weggestorven was, bleef Eleanor aan den bodem harer kamer vastgenageld staan, met eene uitdrukking van vertwijfeling in de oogen, als peilde zij den afgrond, door haarzelve gedolven tusschen haar geluk en zich; maar zij verjoeg met inspanning van al hare geestkracht dat somber visioen en uit vrees dat haar wegblijven aanleiding geven mocht tot min of meer juiste gissingen, wierp zij een onderzoekenden blik in den spiegel, om zich te overtuigen of zij er niet al te ontdaan uitzag en keerde toen terug tot de anderen, die intusschen van het dessert waren opgestaan en zich naar de zitkamer begeven hadden.

Nauwelijks vertoonde zij zich in de omlijsting der deur, of er ging een algemeen gejubel op.

,,Bravo!" riep Sir Cecil, in de handen klappende, uit: „Gij hebt hem alleen weggezonden !"

„Neen," verklaarde Mabel lachend : „daar-

Sluiten