Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Gij hier r kermde hij met zwakke stem

-üne ziel ontheffen van een zwareTchuM 7™ de koewachtster waakt over het kind n, na's kind en het mijne; a,s ik lo^en 'eZ dan van den tngelschen bevelhebber dCT prijs °or miJn verraad, en laat WiV ,

^oofd der wees vastgezet wordt.' °P

" US " " duS' ~~ in naam van de Eeuwigheid

genover welke gij u bevindt, bezweer ik u de waarheid te zewen ^ , , , ude

l . ' ^US had Moorbregyen

het zwarte meisje niet lief?"

heifTj'h, ^ a"T" °°k had *

minnen, het arme kind Water in Godsnaam, geef mij te drinken ! Ik word 'van binnen verteerd!"

Een breede bloedstroom golfde over ziine bppen; slechts de dood stuitte dien

k memand m'' 'e ze^'en »•«« ^ heer Moorbreggen zich bevindt >" vroeg de ionle

vrouw, een tiental minuten later op smeekenden toon aan een der oudste officieren

de'zóontTT herhaa'de hij: "de vader°f zoon . Lodewyk sneuvelde van morgen "

„Neen, neen Herman," klonk het gejaagd

„Ik zag hem het laatst op gindschen hentel

ij had zoo het schijnt nog een voorraad kogels

bemachtigd, want hij vuurde schier onafgebroken

Sluiten