Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doet, zonder hun vooraf het doel van die handelingen bekend te maken. — Jezus wordt gered door middel van de vlucht, terwijl hij zich door middel van zijn almacht had kunnen redden; en dit geschiedt om ons te leeren, dat men tot God moet komen langs de nederigste wegen; dat men eerst verootmoedigd moet zjjn door het aanzien en de macht zijner vijanden, om er later niet des te meer vrucht over te kunnen triomfeeren, en dat de hoogmoed de gevaarlijkste onzer vijanden is. Kunnen wij de wereld liefhebben, die Jezus alleen zoekt om hem te dooden ? Geef, o Heer, dat mijn hart liet Egypte zij, waarin gij u voor de vervolging der wereld beveiligt! Woon er, heersch er, delg er alles uit wat gij er nog van eenen boozen Herodes-geest in vindt, van dien geest van hoogmoed, van jaloerschheid, van zelfzucht en van booze staatzucht, die Herodes eigen was!

XIII. Wij zijn Gode een blinde gehoorzaamheid schuldig, omdat hij God is, en dat hij niet bedriegen kan, noch bedrogen kan worden. — Het vertrouwen in zijne wijsheid en in zijne belofte moet ons liet kruis doen aannemen, zonder er over te redeneeren. — Als men eens den wil van God kent, moet niets ons weêrhouden dien te volbrengen. — Het is des mensehen werk te gehoorzamen; het is Gods werk voor de goede uitkomst van die gehoorzaamheid te zorgen. — Als onoverwinnelijke moeielijkheden ons schijnen te beletten, is het God, die door haar ons belet. — Men volbrengt altijd Gods wil, als men zich in staat stelt dien te doen. Hij geeft de daartoe vereischte middelen, zelfs dan, als hij ze ons schijnt te ontnemen.

XIV. Welk een vernedering voor Jezus, uit het midden van het volk Gods als 't ware verdreven en door zijnen Vader verbannen te worden naar een land van afgoderij en gruwelijke zonden! — Wat al lichtstralen voor hem uitgebluscht, wat al genadegiften hem onthouden! Maar niets is verloren wat ten gevalle van God verloren wordt. Zoo verplicht God soms zielen om in een land van ongeloovigen als levend begraven te worden, of onder booze mensclien te leven, om als in hunne plaats God te aanbidden, de genadegaven

Sluiten