Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zaligheid, en dat steeds hechter te maken door vast te honden aan den inhoud en aan de grondbeginselen van het Evangelie, en daarnaar zijn leven in te richten. Als men daarbij geen anderen steun wil hebben, dan de genade van Jezus Christus, dan bouwt men op een vaste rots.

XXV. Het is de betrachting van Gods geboden, die de roeping en verkiezing vast maakt, en die onze zaligheid beveiligt tegen den toorn Gods en het laatste oordeel. — Er zijn drie soorten van beproevingen en verzoekingen: 1. Die van de tijdelijke rampen, die van boven komen als de regen. 2. Die, welke voortkomen uit de begeerlijkheid en andere menschelijke driften: die zijn als rivieren, die overstroomen. 3. Die, welke zijn als hevige stormen, en die de satan doet ontstaan. Het is de liefde, en niet alleen het licht des geloofs, dat ons tegen zooveel verzoekingen en beproevingen in veiligheid stelt.

XXVI. Wie iets goeds weet en het niet doet, bouwt op het zand en is een dwaas. Hoevele zulke dwazen zijn er in de wereld, die voor ware wijzen doorgaan ! Menigeen heeft deernis met die dwazen, die — er zelf toe behoort. — Het is een groot ongeluk, het Evangelie niet te kennen; maar het is een ware dwaasheid, van zyne waarheden doordrongen te zijn, en ze niet in toepassing te brengen. Maak er ons getrouw aan, o eeuwige Wijsheid, en schenk ons die kennis, die maakt, dat wij weten hoe ons zeiven te behouden!

XXVII. De voorstelling van het door de regenvloeden instortend huis is het beeld van een ziel, die in de ure des doods, zich verstoken ziende van alle goede werken en van de liefde, die er de bron van is, nu niets anders heeft om op te steunen. De kennis van de wet alleen kan geen ziel tegen de verzoekingen, noch tegen het oordeel Gods in veiligheid stellen : zij zal alleen dienen om zijn schuld te grooter te maken. — Na den dood is het verderf van de ongeloovige ziel onherstelbaar en hopeloos; en dat

Sluiten