Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VII. En hij opgestaan zijnde, ging henen naar zijn huis.

VIII. De scharen nu, dat ziende, hebben zich verwonderd, en God verheerlijkt, die zoodanige macht den menschen gegeven had.

IX. En Je zus, vandaar voortgaande, zag een menseli in het tolhuis zitten, genaamd Mattheus, en zeide tot hem: Volg mij. En hij opstaande, volgde hem.

Sluiten