Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gen, noch in een geest van arglistigheid, dat onze Heer de eene vraag tegenover de andere plaatst, maar om de kwade trouw van de vijanden zijns werks te doen uitkomen, en hen te beletten het Evangelie te beuadeelen. Er is een geheiligde schranderheid, evenzeer als er misdadige kunstgrepen bestaan.

XXIV. Een enkel woord van Gods Zoon houdt de boosheid tegen en brengt al de list van die vleesc-helijke menschen iu de war. De eenvoudigheid geeft een verwonderlijk vertrouwen en vrede; de dubbelhartigheid veroorzaakt duizend zorgen en moeiten. Tot welk een uiterste worden de menschen gebracht, die of nijd of stijfhoofdigheid dringt zich te verzetten tegen hen, die God tot hen zendt om hen te onderrichten; zij worden verplicht zeiven hun ongeloof te belijden en er voor uit te komen, dat het eeniglijk het goede is, waartegen zij zich aankanten. Men poge vrij de overtuiging, die men aangaande de waarheid of iemands onschuld heeft, in zijn hart terug te dringen, ten einde ze niet te behoeven te erkennen, noch deswegens door de menschen veroordeeld te worden, God, die het hart des boozen ziet, maakt hem, of reeds nu in deze wereld beschaamd, óf zal hem eens in het licht van den jongsten dag te schande maken, als wanneer hij hem dwingen zal tegen zich zeiven te getuigen en zijn eigen rechter te zijn.

XXV. De leugen kost niets aan hen, die eens een verbond tegen de waarheid hebben gemaakt. — De farizeesche hoogmoed geeft den boozen in, naar gelang hun belang het meebrengt, of den schijn aan te nemen dat zij alles weten, of zich voor te doen als wisten zij niets. — God straft dikwijls met eene wezenlijke onkunde de geveinsde en voorgewende onwetendheid der nijdigaards, die het goede, dat zij in anderen zien, niet willen erkennen. Wachten wij ons, dat de nijd, de boosheid, de geest van tegenspraak of eenige niet bestreden tegenzin ons de oogen doe sluiten voor het goede, dat in den naaste is, of ons belette dat openlijk te erkennen en er getuigenis aan te geven.

Sluiten