Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Om de proef eenvoudiger te maken, verwaarlooze men bij het optellen der cijfers alle negens, die er onder voorkomen en trekke 9 af, telkens a s het mogelp is, als volgt:

4 + 7 = (9) + 2; 2 + 6 + 7 = (9) + 6; 6 + 8 = (9) + 5; 5 + 5-(9) + l,

1 + 6 + 5 = (9)+ 3; 3+ 8 = (9)+ 2.

De negenproef geeft geen zekerheid, dat de optelling goed is. De mogelgke

fout is een veelvoud van 9.

2. Aftrekking van geheele getallen.

§5. De aftrekking leert ons, welk getal men bij een gegeven getal moet optellen, om een ander gegeven getal tot som te verkrijgen Het eerste der gegeven getallen heet aftrekker, het tweede aftrektal. Het getal, dat men bij het eerste der gegeven getallen moet voegen, om het andere tot som te vinden, heet rest of verschil.

Aftrektal en aftrekker dragen ook den naam van termen van het verschil. De aftrekking wordt aangeduid door het teeken —, min of ver minder met. Aan de linkerzijde van dit teeken wordt het aftrektal, aan de rechterzijde de aftrekker geschreven. Zoo beteekent 7 — 2-5, dat men bij eenheden 5 moet optellen, om 7 eenheden te vinden.

§ 6. Bevat de aftrekker van sommige orden meer eenheden dan het altreKtal, dan kan men gebruik maken van het zoogenoemde leen en. Intusschen is het, met het oog op de deeling (zie § 26), beter als volgt te werk te gaan.

43967 26783

17184

Eenheden: Welk getal moet men brj 3 optellen, om 7 te krijgen? ^n*w-4; Tientallen: Welk getal moet mon bp optellen, om 6 te krijgen ? Dit gaat niet. Daar nu het verschil niet verandert, als men bij aftrektal en aftrek er hetzelfde getal optelt, vermeerdert men de 6 tientallen van het aftrektal me 10 tientallen en de 7 honderdtallen van den aftrekker met 1 honderdtal en vraagt dan: Welk getal moet men bij 8 optellen, om 16 te krijgen? Antw. . Honderdtallen: Welk getal moet men bg 1 + 7 of 8 optellen, om

9 te krijgen? Antw. 1. ..

Duizendtallen: Welk getal moet men bg 6 optellen, om 3 te krijgen? Dit gaat niet. Men voegt nu 10 duizendtallen bij de 3 duizendtallen van e aftrektal en 1 tienduizendtal bij de 2 tienduizendtallen van den aftrekker en vraagt dan: Welk getal moet men bij 6 optellen, om 13 te krijgen? Antw. 7. Tienduizendtallen: Welk getal moet men bij 1 + 2 of 3 optellen,

om 4 te krijgen? Antw. 1.

§ 7. Ter beoordeeling van de juistheid eener aftrekking, make men

gebruik van de volgende eigenschappen:

Sluiten