Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK VII.

BEREKENINGEN IN DEN METAALIIANDEL.

INLEIDING.

§ 241. Hoewel de metaalhandel in 't algemeen op dezelfde wjjze gedreven wordt als de goederenhandel, eischen de berekeningen, die bij den handel in odele metalen voorkomen, een afzonderlijke behandeling om het nauwe verband, waarin deze tot het muntwezen staan en de bijzondere usantiën, die daaruit voortgevloeid zijn. In het volgende komen dan ook alleen goud en zilver ter sprake.

§ 242. Goud en zilver worden, tot staven of baren iFransch: barres, lingots; Engelsch: bars; Duitsch: Barrem gegoten, in den handel gebracht. Deze bevatten bjjna zonder uitzondering een zekere hoeveelheid onedel metaal, meestal koper, dat men alliage noemt. Het zuivere goud en zilver noemt men f.jjn, het met koper of andere metalen gemengde bruto of gelegeerd.

Baren zilver, die eenig goud bevatten, noemt men verguld (Fransch: ar gent doré; Engelsch: doré silver, silver parting; Duitsch: güldische Harren). Deze uitdrukking beteek ent niet verguld zilver, maar zilver, dat met goud vermengd is.

Baren goud, die eenig zilver bevatten, worden zilverhoudend (Engelsch: refinable gold, gold parting; Duitsch: Pagament-Silber, Weisse Karatierung) genoemd.

Somtijds wordt goud ook in fijn verdeelden toestand, n 1. als stofgoud, in den handel gebracht, maar eerst dan verkocht, als het in baren gegoten is.

§ 243. Onder gehalte verstaat men de verhouding van de hoeveelheid edel metaal tot het bruto gewicht van het mengsel. Het gehalte en het bruto gewicht worden bepaald door essaieurs, die elke baar stempelen met een waarmerk, dat overeenkomt met het waarmerk van het daarbij behoorende keurbriefje, waarin gewicht en gehalte uitgedrukt zijn.

Sluiten