Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

369') Bepaal voor Berlijn op 26 Juni 1909 den inkoopsprijs van BM 30000 Mecklenburgischc Bank-Actiën, waarop 40 9/„ gestort is, a 124 met ^ °/00 courtage.

Volgens § 368 heeft de koers, die hier in percenten uitgedrukt is, betrekking op de nominale waarde der volgefourneerde stukken; verder bedraagt de beursrente 4 °/0 van liet gestorte bedrag, van af 1 Januari, en de courtage £°/00 van het volle nominale bedrag. Derhalve:

BM 30000 Mecklenb. BankActien k 124 % BM 37200,—

Niet gefourneerd 60 °/0 „ 18000,—

BM 19200,—

Rente 176/d a 4 °/0 v»n BM 12000 , 234,67 Courtage |°/00 , , 30000 „ 15,—

BM 19449,67

Opmerking. Zie voorbeeld 356 voor twee andere wijzen van oplossing.

370) II at is op 12 September de contante waarde van 10 aandeelen Franscli Oostenrijksche spoorw.: a) te Berlijn « 147,50; b) te Weenen a 692?

De nominale waarde dezer aandeelen is fr 500. Aan de Duitsche beurzen noteert men ze in percenten met rente a 4 °/0 van 1 Januari af. Te Weenen worden zij in Kow per stuk verhandeld met rentevergoeding a 5 °/0, ook van 1 Januari af. *)

Daar verder bij de berekening fr 100 = BM 80 = Kow 96 is i§ 368 en 371), heeft men:

BERLIJN.

10 aand. Fr. Oostenr. spoorw., fr 5000 = Jïü/4000 a 147,5 °/0 BM 5900,—

Rente 252/d a 4 °/0 , 112,—

BM6 012,—.

WEENEN.

10 aand. Fr. Oostenr. spoorw. a Kojw 692 Ko/w 6920,— Rente 251/d a 5% 'van Ko/w 4800) „ 167,33

Ko/w 7087,33.

Opmerking. Herleidt men de contante waarde te Weenen met behulp

1) De aandeelen hebben halfjaarlijksche dividendbewijzen. Na het einde van het boekjaar, n.1. op 1 Januari, wordt een interim-dividend van 2^ °/0 en op 1 Juli het overige betaald. Daarom berekent men aan beide beurzen de rente in het eerste halfjaar van af 1 Juli, in het tweede van af 1 Januari.

Sluiten