Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1536i Als men 6 Juli op k. 2000 China goudleening 1893 4£ °/0 a 92 oen prolongatie sluit met 15 °/0 surplus en het maximum van voorschot in ronde sommen van ƒ 500 ontvangt, hoe groot is dan dit voorschot? En hoeveel zal men zijn commissionnair, met wien men in rekeningcourant staat, moeten betalen, om de prolongatie op 24 October af te lossen? Rentestand op 6 Juli 3^ °/0, op 6 Augustus 6 °/0, op 6 September 5$°/0 en op 6 October 5 °/0. Couponkoers ƒ11,52 per £.

1537) Amsterdam koopt op 25 April £ 1000 Rusland 5 °/0 1873, 1,6, 1/12, è, 85$ met ^ °/0 courtage, •) en op 28 April GR 250, aandeelen Gr. Russ. Sp. 5 °/0, 131, 13/7, k 115f met \ °l0 courtage. ») Om den inkoop te voldoen, sluit hij 25 April op deze fondsen, met bijvoeging van andere, als onderpand, een prolongatie van ƒ11000 a 3f °/0, surplus 15 °/0. Op 19 Mei wordt Rusland 1873 verkocht a 92| en Gr. Russ. Sp. è, 120$, beide met ^ °/n courtage, 1) en tevens de prolongatie afgelost. Gevraagd:

a) Welke waarde moeten de bijgevoegde fondsen minstens hebben?

b) Hoeveel is met deze speculatie gewonnen ?

c) Tijdaffaires.

§ 380. Bjj tijdaffaires verhandelt men fondsen tegen een gegeven koers, op voorwaarde dat ze later geleverd en betaald zullen worden. De kooper behoeft dus bij den inkoop niet in het bezit te zgn van de koopsom, en is het in den regel ook niet; hg verwacht een rijzing van den koers en stelt zich dus voor, tegen den dag der levering de stukken duurder te kunnen verkoopen, om uit de opbrengst de koopsom te voldoen. Zoo ook is de verkooper gewoonlijk niet in het bezit der fondsen op den dag van verkoop; hij hoopt op een daling van den koers, ten einde tegen den dag der levering de benoodigde stukken goedkooper te kunnen inkoopen. Beide handelen derhalve zonder kapitaal; het is hun dan ook niet te doen om ontvangst of levering der verhandelde fondsen, maar om vereffening van het verschil tusschen de waarde op den dag der handeling en de waarde op den dag der levering. Zoo is een handel ontstaan, die zeer veel overeenkomst heeft met een weddenschap op den loop der koersen, althans indien van werkelijke levering en betaling der fondsen geen sprake is.

Een rijzing der koersen noemt men een hausse, een daling heet baisse. Hij, die fondsen op tijd koopt, omdat hij een rijzing te gemoet ziet, speculeert a la hausse; hij, die in afwachting van een daling,

*) Eindexamen Handelsschool 1885. De courtage werd toen steeds berekend over de nominale waarde.

Knapper, Handelsrekenen. 8e druk. 27

Sluiten