Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verhouding tusschen de waarde van twee munten; 0,475 is dus de verhouding tusschen de hoeveelheid fijn zilver in den franc en die in den gulden; evenzoo is 0,48 de verhouding tusschen de hoeveelheid fijn goud in den franc en die in den gulden. Nu is:

0,475 < o,48

. aantal G fijn zilver in fr 1 ^.aantal G fijn goud in fr 1 aantal G fijn zilver in ƒ 1 v aantal G Ija fOld in f \

Vermenigvuldigt men beide gebroken getallen met den noemer van liet eerste en deelt men vervolgens beide door den teller van het tweede, dan verkrjjgt men:

aantal G fijn zilver in fr 1 ^ aantal G fijn zilver in f 1 aantal G lijn goud in fr 1 aantal G lijn göüd in /' 1

Het eerste gebroken is voor de Latijnsche unie, het tweede voor Nederland de verhouding tusschen de waarde van goud en zilver in de standpenningen. Dus is die verhouding in de Latijnsche unie kleiner dan ten onzent.

Volgens het antwoord op vraagstuk 1217 van § 295 is zij 15,5 voorde Latijnsche unie en volgens voorbeeld 307 van § 294 is zij 15,625 voor ons land, wat in overeenstemming is met de uitkomst der bovenstaande redeneering.

d) By de Wissels.

§ 439*. Koersnoteering in Twente. In het oosten van ons land komt een eigenaardige koersnoteering van wissels op Duitschland voor, die blijkbaar verband houdt met den omloop van Duitsch geld in de oostelijke grensplaatsen tegen den vasten koers: 1 RM—f 0,60. Herleidt men n.1. den wisselkoers van Berlijn op Amsterdam, bijv. 169,17 {liMark = f 100 Nederlandsch courant) tegen ƒ0,60 per RM, dan verkrijgt uien 169,17 X f 0,60 = f 101,50. Hieruit volgt dat f 100 Ned. Ct. gelijk is aan f 101,50 in Duitsch geld a f 0,60 per RM of, zooals men ook wel zegt: ƒ100 Ned. Ct. — /101,50 Pruisisch courant Men noemt nu liet verschil tusschen 101,50 en 100: agio en noteert Duitsche wissels bijv. met „li % agio", wat derhalve beteekent: ƒ1011 Pruisisch courant (in RM a ƒ0,60) = ƒ 100 Ned. Ct.

Voorbeeld. 11 at betaalt men te Enschede voor een ivissel, groot RM 8100,— tegen 1 £ °/0 agio ?

Oplossing. RM 8100,— a ƒ0,60 (per RM) = f 4860,- Pr. Ct.

ƒ4860,— Pr. Ct a 101£ = X ƒ100 Ned. Ct. = ƒ4800,-.

§ 440. K o e r s 1 ij s t te We enen. In de „Bedingungen" aan de Weener beurs, uitgegeven door de „Wiener Börsekammer" eu bijgewerkt tot 1909, vindt men o.a. het volgende:

Knapper, Handelsrekenen, 8e druk. 35

Sluiten