Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij een dood kind was een arm uitgezakt (aanmerking 75). De hand, welke ingebracht werd voor de keering, was niet in staat den voorliggenden schouder weg te duwen, en gleed daarom langs den arm en den schouder. Door de beperkte ruimte werd de arm zoo sterk gekneld, dat de vingers doof werden, en de hand moest worden uitgehaald. Zulks gebeurde tot driemaal toe, waarna Portal door sterk te trekken den arm van het lichaam scheidde. De hand werd nu opnieuw ingebracht en met veel moeite gelukte het een voet af te halen. De romp werd aan de beide beenen uitgehaald, de andere arm ging ook van den romp af, terwijl ook het hoofd dreigde los te laten. Twee vingers werden in den mond gebracht om het hoofd uit te halen. De onderkaak brak in twee stukken. Als laatste redmiddel werd de schedel met eene haak geopend en uitgehaald. De vrouw herstelde en kreeg later weer kinderen.

In aanmerking 60 werd het eerste kind, dat in schedelligging lag, spontaan geboren; voor het tweede kind, dat met eene hand voorkwam, werd versie verricht. De kinderen waren een jongen en een meisje. Er was ééne placenta met twee strengen en elk kind had zijn eigen vliezen. Portal haalt dit aan tegen Viardel en zegt: Dese Aanmerking' is strydig met het gene Mr. Viardel in syn sesde Hoofd-stuk, op het vijf-en-dertigste blad vermeit: te weten, dat wanneer een Vrouw', van Tweelingen van de selfde sexe, verlost, maar een Moerkoek gevonden word; en wanneer elk Kind van een bysondere sexe is, daar dan twee Moerkoeken zijn. Hy voegt daar by, dat het schynt dat sulks door een bysondere voorsienigheyd van de natuur geschied.

Sluiten