Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slechte, schoon barbaarsche, *) betiteling voor eene theologische richting, die in Frankrijk vele hoofden en harten in beweging bracht; en wij mogen de woorden van H. Bois 2) overnemen: „Nous pouvons donc nous servir, en toute tranquillité de conscience, de cette désignation commode, sinon élégante."

Intusschen bleef zoowel de term „Symbolisme" als die van „Fidéisme" afzonderlijk voortleven, en bepaalde zoowel de gedachteontwikkeling als de bestrijding zich meestal tot eene dier twee onderafdeelingen. Dit wordt begrijpelijk wanneer wij prof. Ménégoz zeiven hooren. 3) „Bijna 20 jaar is het nu (namelijk 1897), dat ik in onze Faculteit met den heer Sabatier te zamen werk, en dat ik deel in zijne beschouwingen. Ik heb zijne ontwikkeling gevolgd; hij volgde de mijne; wij zijn te zamen voortgeschreden. Uitgaande van verschillend gezichtspunt, hebben wij elkander ontmoet. Mijn luthersche opvoeding had mij geplaatst op het terrein van het materiëele beginsel van het Protestantisme, met het dogma van de rechtvaardiging door het geloof als uitgangspunt, en ik ben uitgekomen bij de leer van het heil door 't geloof (foi), onafhankelijk van de geloofsvoorstellingen (croyances), aan welke leer ik den naam van Fideïsme gaf. Door zijne gereformeerde opvoeding, zag mijn collega zich geplaatst op een terrein waar men

') Rev. de Mont. '95, p. 131 „ce terme rébarbatif'; „abscheulicher Ausdruck", „Phantom", Lobstein, Theol. Lt. Ztg. '97, S 197.

!) Rev. de Mont. '95.

3) Publ. s. 1. F. p. 228.

Sluiten