Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een derde bezwaar, tegen S. ingebracht, is het verontschuldigen van de zonde. Maar S. meent dat men de zonde als metaphysisch noodzakelijk moet beschouwen, ook al is men diep overtuigd van de persoonlijke verantwoordelijkheid van het individu. Hier is contradictie tusschen gevoel van fataliteit dei zonde en verantwoordelijkheidsgevoel, maar deze contradictie is nu eenmaal een feit. Zij zal ook wel een feit geweest zijn bij den eersten mensch. Daarom vindt S. de hypothese van den zondeval onaannemelijk, tenzij dan in dezen zin, dat Adam gevallen is, gelijk wij allen struikelen 1), terwijl hij zich tot geestelijken mensch had moeten verheffen.

Bovendien, de materie der zonde, gegeven door de wetten en lagere instincten der natuur, komt zondei twijfel van God; alleen formeel, in den wil des menschen, bestaat eigenlijke zonde.

Groot is ook hier onze onwetendheid, maar in elk geval kunnen wij, met ons gebrekkig kenvermogen van het Goddelijke, onmogelijk God den weg voorschrijven dien Hij had moeten gaan, of uit zekere vooropgezette meeningen een bepaald Godsbegrip afleiden. Aan die soort van „dialectische pogingen" hecht S. geen waarde. Wat hij geven wil, zijn resultaten van psychologie en historie; en alleen wanneer inen

'1 Deze zelfde opvatting is verdedigd in de 3de editie (1897) van Sabatier's werk: „L'Apötre Paul (1870', i88r), waar hij de stelling verdedigt, dat Paulus geen oorspronkelijke volmaaktheid bij Adam aanneemt.

Sluiten