Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wonderen, die bij de synoptici voorkomen geloochend worden, kan men daar het wonderlijke feit der zondeloosheid zonder meer aanvaarden ? Inderdaad wil het Christendom niet alleen inspiratie, maar ook leer zijn: het groote middelpunt der apostolische verkondiging b.v. is de opstanding van Christus. In de „Esquisse" is ze evenmin als de onsterfelijkheid genoemd. Ja, de geheele opvatting van Gods wijze van werken in natuur en geschiedenis stelt zóó zijne immanentie op den voorgrond, dat op de laatste conferentie van Parijs de vraag van den predikant Th. Monod verklaarbaar was: of prof. Sabatier aan Gods transscendentie geloofde J).

Verder poneert S. sterk de eenheid van Jezus' kinderlijk gevoel ten opzichte van God en van onze „kinderlijke vroomheid." Maar tengevolge van de zonde is bij ons tot God gaan hetzelfde als: tot Hem terugkeeren; de voorwaarden van verzoening en berouw, die voor ons noodzakelijk zijn, waren er niet voor Hem. Jezus was geen Christen, maar de Middelaar zelf. — Daarmede valt echter het stelsel in duigen.

Om in God te gelooven, om eene ondervinding te

i) Op eene predikantenvergadering te Parijs, 4 en 5 Mei '97, hield de heer Lacheret een referaat over „de Openbaring." Daarin bestreed hij o. a. de „mystieke theorie" van S. omdat ze Openbaring en Inspiratie verwart, en in strijd is met de voorstelling

der Schrift omtrent openbaring en zonde. (Égl. Libre '97

No. 20 p. 155). Bij de langdurige discussie, die zich daarna ontspon,

richtte Th. Monod tot S. de volgende vraag : „M. Sab. croit-il a ce

Dieu hors de nous, personnel et vivant?" S. antwoordde: „Certainement! sans cela je ne serais pas chrétien." (Égl. Libre No. 20

p. 156)-

Sluiten