Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Allereerst wensch ik een woord te wijden aan U, Hoogleeraren aan de Vrije Universiteit op Gereformeerden grondslag. Slechts weinigen van de jonge Afrikaanders die het Calvinisme van harte liefhebben, vinden de gelegenheid onder Uwe leiding hunne studiën te voltooien. Waar dit nu met mij het geval is, kan ik niet nalaten hier mijn oprechten dank U te brengen voor het onderwijs dat ik van U ontving en de vele bewijzen van sympathie. Stelle God de Vrije Universiteit nog lang tot een zegen voor Nederland en Zuid-Afrika!

Inderzonderheid U, Hooggeleerde Promotor Dr. H. H. Kuyper, wensch ik te gedenken. Gij waart het immers die mij steeds met de U eigen welwillendheid ter zijde stondt en mij Uw gewaardeerde raadgevingen ten beste gaaft.

t Vervullen van een aangenamen plicht is het mij U te noemen, Professoren aan de Theologische School te Burgersdorp, die mij het eerst in de theologische studie inwijddet en van wie ik zooveel vriendschap genoot.

Xiet minder past mij een woord van dank aan het Bestuur van het Studiefonds voor Zuid-Afrikaansche studenten, dat mij zoo goedgunstig instaat stelde mijn studiën ten einde te brengen, en het Boeren-Comité, in wiens gastvrij Tehuis op de Nieuwe Heerengracht ik het grootste gedeelte van den tijd mijn verblijf mocht houden. Voorts aan alle vrienden in Nederland voor de gulle wijze, waarop zij mij menig gezellig uur onder hun vriendelijk dak bereidden.

Ik eindig met den welwillenden lezer op tweeërlei

Sluiten