Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaande is aangetoond, dat uit het door 0.9 °/0 NaCl veroorzaakte praecipitaat histon en nucleine te verkrijgen zijn en is er op gewezen, dat het koolstof- en waterstofgehalte overeenstemt met dat van op andere wijzen verkregen nucleohiston. Dit nucleohiston lost Bang op in water en verzadigt de oplossing met keukenzout; uit het filtraat van het daardoor gevormde neerslag kan nu, volgens hem, nucleinezuur door alcohol gepraecipiteerd worden. Van het nucleohiston is dus door de verzadiging met keukenzout nucleinezuur afgesplitst, op welke mogelijkheid door Kossel opmerkzaam gemaakt is, of ook het door alcohol verkregen neerslag was geen nucleinezuur.

Dat Bang uit deze stof door extractie met zoutzuur geen histon verkreeg, bewijst niet, dat er geen histon in aanwezig was, daar de histonoplossing door Bang niet gedialyseerd werd, (daarvan blijkt althans uit zijne beschrijving niets) hetgeen in dit geval evenwel noodzakelijk is.

Door middel van zoutzuur kon Bang, naar hij zegt, in het algemeen slechts weinig histon uit het thymusextract verkrijgen, hetgeen ik daaraan toeschrijf, dat de histonoplossingen niet gedialyseerd werden.

Het is verder opmerkelijk, dat de stof, die Bang als nucleinezuur beschouwt, door 0.9 °/o NaCl gepraecipiteerd wordt en dan in 2 °/0 NaCl weer oplost, daar ook het nucleohiston deze eigenschap bezit.

Men zou dus geneigd zijn het nucleinezuur van Bang voor nucleohiston te houden, wanneer deze niet uitdrukkelijk vermeldde, dat de stof meer dan 8 °/0 phosphorus bevatte, geene biureetreactie gaf en uit zijne oplossing niet door azijnzuur neergeslagen werd. Daar ik geene gelegenheid had, mij met de mededeelin-

Sluiten