Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volledige regeering van Deventer! Raad en Schepenen vormen hiervan het dagelijksch bestuur, dat de loopende zaken afdoet. Maar ten minste vier keer in het jaar moest een volle vergadering bijeengeroepen worden en in die bijeenkomst werden dan de belangrijke zaken afgehandeld, terwijl dan tevens de meente het recht had voorstellen over, allerlei onderwerpen aan Schepenen en Raad te doen.

Dat de weiden het eigendom bleven van een afzonderlijk genootschap, dat der burgers, later der grootburgers, daarvoor vindt Jordens ook een bewijs in de ordonnantie op het weidegreefschap van 1464 >): „Het verdient opmerking," lees ik daar, „dat dit stuk de oudste algemeene voorschriften bevattende, omtrent de uitoefening der rechten op de weiden, een geheel op zich zelf staand stuk is; en dat die rechten niet bij het stadrecht van 1486 zelf geregeld zijn. In dat stadrecht werden die vroeger gemaakte bepalingen alleen afgeschreven en Dumbar heeft de ordonnantie doen afdrukken, zooals die daar geplaatst was; maar een deel van het stadrecht maakt dat stuk eigenlijk niet uit: wij mogen met grond daaruit het besluit trekken, dat Schepenen, Raad en Meente de zaken der weiden bij de ordonnantie geregeld, als geheel op zich zelve staande beschouwden en niet als een onderwerp der gewone stadszaken en rechten." Onjuist ook al weer deze redeneering. Want de oudste algemeene voorschriften omtrent de uitoefening van de rechten op de weide vinden we niet in bovengemelde ordonnantie, maar juist in het stadrecht van 1448 2). Zij maken dus wel degelijk deel van het

1) Zie Jordens pa^. 38.

2) Zie dissertatie pag. 59.

Sluiten