Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In deze tabel lezen we dus, dat er waren voorgekomen 766 schedelliggingen. Hiervan waren 737 achterhoofdsliggingen; van dezen wederom 450 A. a. 1. v., daarop volgt A. a. r. v. '212, dan A. a. r. a. 44, terwijl er 30 A. a. 1. a. geboren werden ; als deze tabel dus eenigszins vertrouwen verdient, zou hieruit blijken, dat A. a. r. v. veel frequenter voorkomt dan A. a. r. a., terwijl dit gewoonlijk voor 2e positie geldt. Helaas echter weet men niet in hoeverre de opgegeven diagnose juist geweest is en hoe vaak de als A. a. r. v. opgegeven ligging geconstateerd is, nadat de spildraai van den schedel de kleine fontanel van rechts achter reeds voor een deel naar vóór gebracht had.

Verder kwamen voor 20 kruinliggingen, 7 wandbeenliggingen, 1 aangezichtsligging, 1 afgeweken schedelligging, 19 billiggingen, 8 voetliggingen en 2 schouderliggingen. Van 118 wordt geen ligging opgegeven; hier was meestal het kind geboren, voordat de candidaat arriveerde. Een dergelijk even weinig vertrouwbaar overzicht volgt hier voor den cursus 1898 -99.

Sluiten