Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Licht ware men echter geneigd oin voor alle gemeenten boven een zeker zielental < hot Nutsrapport noemt liet getal 1T>000» het Elberfelder stelsel gebiedend voor te schrijven.

Men zou, dit doende, één factor vergeten: den omvang van de particuliere liefdadigheid. De particuliere en \ooral de kerkelijke weldadigheid hebben in vele steden van Duitschland niet den omvang dien zij hier te lande bezitten. Daar was dientengevolge een herziening van de burgerlijke armenzorg veel noodzakelijker dan in ons land. Invoering van het Elberfelder stelsel beteekende er een ommekeer in bijna de geheele armenzorg. Ten onzent wordt slechts een klein deel er door getroffen.

Een goed geregelde particuliere en kerkelijke liefdadigheid kan in vele plaatsen invoering van het stelsel overbodig en zelfs ongewenscht maken. Overbodig, omdat, wanneer slechts een zeer klein deel der gansche armverzorging bij het burgerlijk armbestuur berust, een indeeling in wijken onnoodig, ja door den administratieven omslag zelfs schadelijk zal zijn. Bovendien zullen de beste krachten reeds bij de andere instellingen zijn ingelijfd, zoodat het voor het burgerlijk armbestuur hoogst moeielijk zoude zijn nog een aantal geschikte personen voor armbezoekers te vinden.

Zoowel de mogelijkheid dat de verdeeling in wijken achterwege wordt gelaten, als ook dat het burgerlijk armbestuur geheel of ten deele met gesalarieerde beambten in het armbezoek voorziet, dient open te blijven. Aan Gedeputeerde Staten zou b.v. de bevoegdheid tot het verleenen van dispensatie kunnen worden gegeven.

Maar onder dit voorbehoud is het stelsel wel waard dat het met ernst wordt beproefd. De resultaten, die er in

Sluiten