Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nieuwe vragen deed dit voorstel ontstaan. Moet de rechter zijn oordeel uitspreken over de vraag, of' terecht onderstand werd geweigerd? Maar hoe dan ingeval van een alleszins denkbaar meeningverschil tusschen rechter en burgerlijk armbestuur over de vraag of' onderstand „volstrekt onvermijdelijk" was?

Een volkomen bevredigende begrenzing van het begrip der strafbare bedelarij is naar mijn weten nog niet gegeven.

Is dan een billijker regeling dan thans bestaat niet bereikbaar? Men zal verbetering behalve in een meer rationeele bestraffing vooral daarin hebben te zoeken, dat door maatregelen buiten het strafrecht om het aantal bedelaars worde beperkt. Een ideale regeling der armenzorg, die niemand, die of niet werken kan of die normaal zijnde, wel werken wil, broodeloos liet, zou de beste aanvulling zijn van eene strafbepaling op de bedelarij.

Zooals gezegd: bij de landlooperij ligt het probleem eenigszins anders. Op de motieven, boven aan Mr. de Pinto ontleend bestrijden velen elke strafbaarstelling van liet „zonder middelen van bestaan rondzwerven". ')

Landlooperij, daarover zijn allen het eens, is op het platteland een groote plaag. De boeren zijn vaak uit vrees voor den „rooden haan" wel gedwongen de zwervers, die zich daartoe aanmelden, op hun erf te laten overnachten, of wel hun wat geld te geven. Voor alleen thuis zijnde vrouwen op afgelegen boerenwoningen zijn zij een waar schrikbeeld. Een veldwachter, om het bedelen te constateeren, is gewoonlijk niet in de buurt. Vaak bedelen zij

') Do vraag: „Bestaat er voldoende grond om landlooperij als een zelfstandig strafbaar feit te behouden", werd met 40 stemmen vóór en niet minder dan 36 tegen bevestigend beantwoord door de Juristenvereeniging (1894).

Sluiten