Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoewel namelijk vroeger wel afwijkende beslissingen zijn gegeven, huldigt de Raad van State tegenwoordig consequent liet beginsel, dat de Kerk tot liet verkenen van onderstand onbevoegd is. Deze stelling wordt afgeleid uit deze andere, dat elke openbare instelling slechts bevoegd is op het haar bepaaldelijk aangewezen terrein, hetzij dan dat deze toewijzing door de wet (als bij de Kerk) of door de goedgekeurde of medegedeelde statuten (als bij de vereenigingen en stichtingen) is geschied. Dit laatste beginsel, de „specialité'', hangt ten nauwste samen met de boven geschetste opvatting van het begrip der rechtspersoonlijkheid. De rechtspersoon, een fictie door de wet geschapen en buiten haar niet bestaande, heeft geen andere bevoegdheden, dan die haar dooi' of namens de wet uitdrukkelijk zijn toegekend.

Aangaande het principe der specialiteit is, van de zijde van den Staat althans, nooit eenige twijfel geopperd en wanneer de vraag, of de Kerk tot het verleenen van onderstand bevoegd is, door den Raad van State in verschillende tijdvakken verschillend beantwoord werd, is dit alleen hieraan te wijten, dat dit lichaam niet steeds dezelfde meening huldigde omtrent <leze vraag: brengt de specialiteit de onbevoegdheid van de Kerk inzake armenzorg medeV

Waar ligt de oorzaak van dit verschil van meeningV Om dit na te gaan moet men opklimmen tot de wet van 18 (Terminal an X, de grondwet voor de godsdiensten in Frankrijk, de wet die, behalve de „articles organiques" van het concordaat (de overeenkomst van 26 Messidor au IX tusschen den Paus en de Fransche regeering), ook voor de protestantsche eerediensten de grondregels bevat. In deze wet wordt de zorg voor de uitwendige, materieele, belangen der Katholieke kerk opgedragen aan de zoogenaamde „fabriques", bizonderlijk voor dit doel in elke parochie ingestelde rechtspersonen. Het concordaat omschrijft haren werkkring aldus (art. 7(i): „11 sera établi des fabriques pour veiller h 1'entretien et la conservation des temples, a l'administration des aumönes."

Sluiten