Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verkregen, droeg een bloem, waarin twee der buitenste en één der binnenste bloembladen in kleur en vorm met I. Kochii, de overige in kenmerken met I. florentina overeenkwamen.

Een geval bastaardsplitsing, met bovenstaand overeenkomend, is t. z. p. van I. germanica X sambucina beschreven. Wellicht berust ook op bastaardsplitsing — dan van een vicinovariant — het volgende geval: in een rand van Iris florentina, gemengd met een bleekbloeiende varieteit van I. germanica, verscheen op de laatste een bloem, waarvan een sepaal lh wit, !/a paars gekleurd was (Clos, Revue des Sc. Nat. Sér. I. Tome VI (1877-78) p. 386). Een sectoriaal '/a wit, '/i purper gekleurd petaal van Iris florentina is nog vermeld in Gard. Chron. 1891 11 p. 77*

Bij Iris xiphoïdes worden dergelijke variaties gevonden; De Vries vermeldt een geval, waarin een bloem sectoriaal licht en donker gekleurd was (Mut. theor. I p. 491); de mededeeling in Gard. Chron. 1899 II p. 33 heeft blijkbaar op hetzelfde geval betrekking. Het daar tevens vermelde geval van een Spaansche Iris is waarschijnlijk hetzelfde als het in Gard. Chron. 1888 II p. 44 beschrevene; daarin droeg een plant van de var. Max Rooses, door fluweelige donkerpurperen bloemen gekenmerkt, een bloem die sectoriaal bleek paars was; op de var. Victor Verdier zijn dergelijke kleurvariaties waargenomen.

Ten slotte wil ik nog een geval noemen, waarin de bloemkleur, blijkbaar door knopvariaties verliep. Een verscheidenheid met donkerpurpere bloemen bracht in den tuin van een liefhebber lichtpaarse

Sluiten