Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kingen, den gang van het uurwerk te schaden. Een andere invloed, niet zoo gemakkelijk te bestrijden, was de thermische. Het heeft voor ons weinig waarde na te gaan wat het gevolg daarvan kan zijn, daar wij steeds in staat waren op de later te bespreken wijze het uurwerk of liever de chronoskopische eenheid te vergelijken met zijn absolute waarde. Daarenboven konden wij vaststellen, dat de gewone kamertemperatuurschommelingen geen invloed hadden op den regelmatigen gang.

Hebben we alzoo omstandigheden leeren kennen, die bij eenige oplettendheid van geen invloed zijn, meer aandacht verdient daarentegen de bediening van den chronoskop.

Het is toch a priori aan te nemen, dat zelfs de kleinste vergissing, een minder zorgvuldige behandeling, het heele toestel buiten werking kan zetten. Het is juist dit gedeelte van de techniek, waarin we vaak zouden te kort geschoten zijn, indien we niet in Prof. Ziehen steeds een bereidwilligen helper hadden gevonden. Maar hoe hopeloos ook in 't begin, het was ook hier „de aanhouder wint" en het komt ons zelfs voor, dat met uitzondering van een enkel geval, alle fouten door den chronoskop veroorzaakt, kunnen voorkomen worden, indien degene, die den chronoskop bedient, voldoende er mede vertrouwd is geraakt.

Al zullen we ons niet bezig houden met eene uitvoerige uiteenzetting van de constructie van den chronoskop, toch mogen we deze niet geheel voorbijgaan en hebben we gemeend die onderdeelen te moeten bespreken, die gedurende ons onderzoek aanleiding geven tot nadere beschouwing.

Aan de nieuwste constructie van den chronoskop zijn twee paren electruinagneten aangebracht. Wij gebruikten steeds de onderste „untere Anordnung." Ging de galvanische stroom door, dan trok het anker van den ondersten electromagneet, die bij de „untere Anordnung" alleen in aanmerking kwam, een hefboom, die met de wijzers in verbinding stond, aan. Hierdoor werden zij in het uurwerk, dat tevoren aan den gang was

Sluiten