Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I. De reactietijden berekend naar Kraepelin varieeren tusschen 172 en 104 <r. De afname der tijden berust deels op liet verdwijnen van de depressie en remming, deels op de oefening resp. automatisme. De schommelingen die in het begin van het onderzoek voorkomen, zijn zeer waarschijnlijk afhankelijk van de labiliteit van den psychischen toestand. De kleinste tijden worden verkregen als patiënt genezen de. kliniek verlaat. De absolute waarde is reeds in 't begin van het onderzoek niet groot, wat met den algemeenen toestand van patiënt (geen zware angst) overeenkomt. De laatste tijden zijn normaal.

11. Een regelmatig onderscheid is tusschen de S. en M.R.t. niet te constateeren; eerder zijn de musculaire tijden grooter. Dit stemt met de bovenvermelde opvatting overeen. We moeten alzoo hier aannemen, dat het automatisme het optreden van het normale onderscheid tusschen de twee reactievormen, belet.

III. 't FucHNER'sche, noch 't arithmet. gemiddelde geven aanleiding tot opmerkingen.

IV. De gemiddelde variatie daalt eveneens geleidelijk. In 't begin nog tamelijk hoog, verkrijgen de absolute waarden in de laatste serie's normale grootte. Hier vinden we dus weer 't zelfde als in de vorige gevallen geconstateerd. Verder blijkt uit deze tabel, dat noch de arithmetische gemiddelde variatie noch de procentuaale berekening de juiste is.

Het maximum bedraagt 26 of 18 °/0„ minimum „ 11 „ 9 %.

V. Er is bijna geen onderscheid waar te nemen welke der twee invloeden, de oefening of de vermoeidheid de overhand heeft. De waarden der reactietijd zijn voor de 1° en de 2° helft der reeksen nagenoeg gelijk.

Sluiten