Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Patiënt: Bre ....

Ouderdom: 31 jaar. Ongehuwd. Tuinman.

Opgenomen in de kliniek: 15/11 1903, recidief.

Begin der psychose: 1900.

Bij pat. trad plotseling een Paianoia hallucin. acuta op hysterischen bodem op, daarenboven ontwikkelde zich later een volkomen mutisme. Toen het onderzoek aanving waren nog alleen eenige weinig uitgesproken hysterische symptomen te constateeren.

Diagnose: Hysterie.

\ erloop : Genezing (voorloopig).

J. Hysterie.

Berekening v. d. | j Berekening van de !j geheele serie. ' ! 1ste helft. ; 2de helft.

Datum.

Tijd. Aantal.

Musculair. Hensorieel.

Kraepolin's gemiddelde.

Fechner'8 gemiddelde.

Arithmetiach gemiddelde.

Aritlimetisch gemiddelde variatie.

Kraepelin's gemiddelde.

Aritlimetisch gemiddelde.

!

Kraepelin's fnminilnMr

Arithmetiscli gemiddelde.

J3/31008 n.m. 2«: 48 S. ! 196 184 | 210 I 37 |! 221 230 189 191

i™ n-m" o™ ™ 190 187 197 ; 88 192 : 196 1S8 19«

17/3 1903 n.m. 32° 50 8. 171 ; 148 | 162 i 32 147 : 154 174 170

18/3 1903 n.m. 430 i 50 S. 177 236 193 Ü 30 i 177 192 177 194

1^ 1903 n-m. 4'» 50 8. 157 149 160 26 160 156 153 176

9? Q n-m' Q K 171 148 174 48 I57 174 169 l"4

21/3 J** n-m- 310 50 S. s 190 187 213 34 180 206 224 219

Oi O n,m- L M- i 177 166 194 : 21 220 220 163 166

0- 0 n'm' M' 11 168 166 167 28 I69 169 166 166

25/3 1903 v.m. 10 150 S. 170 157 175 27 165 180 158 164

25/3 1903 n.m. 4» ™ YB 167 26 , — — — —

I 2o M. I 166 166 156 21 | — —

26/3 1903 n.m. 1B° [ ^5 M. 146 148 I 146 j| 16 | — — — —

( 25 S. ; 160 148 I 162 — I — — ; — —

I. De reactietijden berekend naar Kraepelin schommelen tusschen 190 en 146(7. Deze schommelingen zijn het gevolg van eene regelmatige daling. Het is waarschijnlijk, dat deze berust op den langzaam zich verbeterenden psychischen toestand.

Mogelijk is, dat verdere oefening of het automatisch worden der bewegingen, hierbij in 't spel zijn. Voor de laatste meening pleit de afwezigheid van verschil in duur der mot. en sens. reacties. De absolute waarde is te groot.

II. Het onderscheid tusschen sen. en mot. reactietijden is niet duidelijk.

III. Het FECHïfER'sche gemiddelde is in eenige gevallen veel kleiner, in één geval veel grooter dan het KBAEPELiN'sche. Het arithmet. gemiddelde is in 't begin steeds grooter, gedurende de laatste onderzoekingen verdwijnt het onderscheid. Dit maakt het zeer

Sluiten