Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In Tabel C vindt men naast elkaar de voor dezen sol gevonden aantallen cc. permanganaat-oplossing en de daarvoor met behulp der getallen in Tabel A berekende.

De verschillen bedragen meer dan 1 cc., eene fout, die niet door de titratie zelve kan worden veroorzaakt. Voor de titratie werd steeds ongeveer 12 minuten gebruikt en de tijd, gedurende'welke verwarmd werd op 60°. was nagenoeg dezelfde. Daaruit volgt dus, dat in den tweeden sol de verhouding tusschen de oxydeerbare verontreinigingen en t zilver grooter was dan in den eersten sol.

Hoewel dus titratie met kaliumpermanganaat niet geschikt is voor de nauwkeurige bepaling van het gehalte van den sol, kan ze dus dienen om een idee te krijgen van de verhouding der verontreinigingen in verschillende sols.

Wanneer we de reactie, die zich bij de titratie afspeelt nader beschouwen, dan ligt het voor de hand aan te nemen, dat het permanganaat in zure oplossing het zilver oxydeert tot Ag,0. Dit AgaO wordt dan door het zwavelzuur omgezet in Ag,S04. De reactie zal dus zijn in formule: 2 KMn04aq + 8 H,S04aq + 10 Agaq = K2S04aq + 2 MnS04aq -f 5 Ag2S04aq -f 8 H20.

Inderdaad stemmen de uitkomsten nagenoeg met deze formule overeen. Want 100 cc. van den zilversol met 342,8 mgr. zilver per liter bevatten 0,32 mgr. atoom zilver, die volgens de formule vereischen 0,065 mgr. molecuul permanganaat.

vereischen 100 cc. van dien sol voor totale ontkleuring 22 cc.; voor zwakke roodkleuring 22,95 cc. der permanganaat-oplossing.

Deze hoeveelheden bevatten resp. 0,063 en 0,066 mgr molecuul permanganaat. De berekende hoeveelheid permanganaat ligt dus tusschen beide waarden in. Het verschil evenwel tusschen de laagste waarde en de berekende is wat groot. Een der redenen hiervan mag zeer waarschijnlijk worden gezocht in de niet zeer groote nauwkeurigheid der titratie wegens de groote verdunning van de permanganaatoplossing.

Verder zou men de oplossende werking, die het zwavel-

Sluiten