Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mogelijkheid bestaat daar, waar geen pericnlum in mora is, zal de staat niet tot dwangaanwending overgaan, vèör nauwkeurig onderzocht is ten behoeve waarvan hij dwang zal gaan uitoefenen, voor vastgesteld is ten bate waarvan dwang aangewend zal worden. Met dat onderzoek, met die vaststelling is de rechter belast. En om te voorkomen, dat den biu'ger niet door dezen de verwezenlijking van zijne rechten wordt onmogelijk gemaakt, is den rechter de plicht opgelegd recht te spreken; hij mag zich op grond van stilzwijgen, duisterheid of onvolledigheid van de wet niet aan dezen plicht onttrekken (A. B. art. 13; Rv. artt. 844 v. v.). Is dat onderzoek geschied; de vaststelling afgeloopen; vonnis gewezen, dan is de griffier verplicht den burger afschrift van het vonnis te geven (Rv. artt. 64 en 838: Regl. I. art. 66); dan zijn de ambtenaren, belast met de tenuitvoerlegging van het vonnis, „gehouden" tot executie, indien hun een vonnis ter uitvoering wordt overhandigd (Regl. IV art. 1).

Heeft de staat den rechter den plicht opgelegd tot onderzoek en vaststelling van de aanspraken van den burger: den griffier verplicht zoo spoedig mogelijk afschrift van het vonnis te geven; den deurwaarder gehouden verklaard het vonnis ten uitvoer te leggen; eveneens heeft hij zorg gedragen, dat onwil van de tegenpartij de vaststelling door den rechter niet verijdelen kan. Behielp het oude recht zich met een middel, dat het doel verre voorbij streefde (vredeloosheid), het hedendaagsche heeft den rechter bevoegd verklaard den eischer zijne vordering toe te wijzen, ten ware zij hem onrechtmatig of ongegrond voorkomt, voor het geval de gedaagde aan de oproeping, voor

Sluiten