Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat bevel bij den administratieven rechter kan beklagen; dat, wanneer hij znlks doet — dit zal dan aan de administratie medegedeeld, beteekend dienen te worden — de executie wordt opgeschort; doch dat, zoo de termijn verloopt, zonder dat een klacht is ingediend, het bevel kracht van gewijsde of, zoo men wil, rechtskracht krijgt en de executie alsdan kan plaats grijpen. Men krijgt aldus eene regeling, die het rechtsgevoel beter bevredigt, dan wanneer men het z.g. regeeringsrecht van parate executie onbeperkt laat bestaan.

Na dit uitstapje de lege ferenda komen wij aan de bovengedane tweede vraag, welke in het kort luidt: moet de dwang op de wet berusten? Hierop kan het antwoord eveneens kort zijn: Neen! Nu is het niet te ontkennen, dat in zeer veel wetten is voorgeschreven, lioe hare voorschriften door de administratie zullen worden gehandhaafd '), en evenmin valt te ontkennen de neiging van den Wetgever zich steeds meer in die richting te bewegen: doch, voor zoover hij heeft nagelaten de wijze van handhaving, de vormen, daarbij in acht te nemen, te regelen, is daarmede niet gezegd, dat nu de rechten deigemeenschap, de verplichtingen van de burgers tegenover haar, de voorschriften welke deze bevatten, zouden moeten blijven „a 1'état d'ordres platoniques." Met het voorschrift is ook de dwang gegeven om bij onwil of nalatigheid van den verplichte in werkelijkheid om te zetten, wat de

i) Bjjv. art, 13—19, 21—23, Wet 22 Mei 1845, Stbl. no. 22 gewijzigd bij de Wet van 2 Oct. 1892, Stbl. no. 149, betreffende de invordering van belastingen; W. v. Sv.; Jachtwet; Wet Zeevisscherijen; Hondadolheid enz.

Sluiten