Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zal nu de politie van die dwangmiddelen gebruik mogen maken, die haar het doelmatigst en het gemakkelijkst voorkomen; tot elk middel haar toevlucht mogen nemen, onverschillig welk, als zij het doel: handhaving, verdediging van het recht maar bereikt? Uitdrukkelijke wetsbepalingen bestaan niet, waarbij die verdediging, die handhaving geregeld is, waarbij der politie is voorgeschreven, hoe zij zal hebben te handelen. Mag nu uit dat ontbreken van wettelijke voorschriften geconcludeerd worden, dat de politie volkomen vrij is in de keuze harer verdedigingsmiddelen, in het vaststellen van de wijze, waarop de rechtsaanranding zal worden afgeweerd? Wij gelooven van niet. Bij gebreke van uitdrukkelijke wettelijke voorschriften op dit stuk, meenen wij om inlichting daar aan te moeten kloppen bij onze wetgeving, waar deze eene verdediging regelt, die groote overeenkomst vertoont met die, welke de politie zal moeten voeren. Zoon analoge verdediging meenen wij te zien in die, waarvan art, 41 W. v. S. spreekt1). Immers, evenals de burger in het geval bedoeld bij dit artikel, zoo staat ook de politie meestal bij de vervulling van haar taak tegenover oogenblikkelijke aanrandingen van de aan haar zorg toevertrouwde rechten van staat, maatschappij en burger; aanrandingen op geen andere wijze af te wenden dan door onmiddellijk

1) Een dergelijke analogie kunnen wij niet zien, zooals Mr. Bakker (t. a. p. bl. 68), in art. 180 Gem. Wet. Dit artikel vestigt of het recht van parate executie ot', zoo men dit daarin niet lezen wil, hot recht tot vordering van gemaakte onkosten, of, zoo men wil, constateert deze rechten.

Sluiten