Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan niet zijn het verzamelwoord der vennooten, evenmin het verzamelwoord van den inbreng, en ook niet de overeenkomst zelve, want deze kan nooit, indien ze eenmaal gesloten is, ongedaan worden gemaakt. Van de vier vroeger aangeduide beteekenissen blijft dus slechts over die van de uit de overeenkomst gesproten betrekking tusschen de leden onderling, zoowel ten opzichte van hunne ten gevolge der overeenkomst ontstane baten en lasten, als ten aanzien hunner onderlinge rechten en verplichtingen.

De beteekenis van het woord „Maatschap" bij het einde is dus dezelfde als bij het begin der onderneming in art. 1661, alwaar ook de verhouding, de betrekking, begint van het oogenblik der overeenkomst etc.

Die betrekking kan slechts op ééne wijze eindigen, namelijk doordien een ieder der vennooten aan elke zijner verplichtingen heeft voldaan, waarmede eene contractueele décharge of eene wettelijke gelijkgesteld moeten worden.

De door het artikel aangegeven wijzen doen niet de betrekking, doch slechts de voortzetting der onderneming, eindigen; zij doen derhalve ^ het entameeren van nieuwe transacties staken en de oude afwikkelen, m. a. w. zij doen de betrekking tusschen de leden in den staat van ontbinding treden.

Waar nu in de volgende artikelen dezer afdeeling „ontbinding" of „ontbonden zijn" vermeld staat, moet dan ook „het in ontbinding treden" gelezen worden, onverschillig van de beteekenis die het woord „Maatschap" ter plaatse heeft; zoo vermeldt bijv. het 2» lid van art. 16 8 6 dat de ontbinding geschiedt door eene opzegging, en zelfs aannemende dat daarmede bedoeld is dat door die. opzegging de Vereeniging ophoudt te bestaan en de leden daardoor los van elkaar zijn, dan is dit eene onjuiste uitdrukking, want niet door doch wel ten gevolge der opzegging wordt de band verbroken, die de leden saamhoudt. Niet door de opzegging, maar door de afwikkeling en de daarop volgende \erdeeling van het voordeelig slot, indien een zoodanig overblijft, heeft de ontbinding plaats, en eerst daarna is de Maatschap ontbonden.

Art. 16.S 3 zegt dus dat de Maatschap eindigt—lees: treedt in ontbinding —:

1". door verloop van den tijd voor welken dezelve is aangegaan.

Sluiten