Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kramp), hebben we schijnbaar paragoge van p, maar inhetNdl. heeft assimilatie plaats gehad van m en volgende b.

Epenthesis van p in purmpstèin puimsteen (vgl. ohd. bumiz), en in conjugatievormen na m, terwijl t wegvalt, b.v: lur keu nip komt, tiump neemt, brómp bromt.

p werd b in: stabol stapelzot, bodd.mg pudding.

Voor Ndl. p vindt men k in knik pink, kleine vinger. § 177. b. b werd p in appihkouw abrikoos (fra. abricot, spa. albaricoque, zie Kluge i. v. aprikose).

Voor Ndl. b vindt men d in diggsl bikkel.

Assimilatie van mb tot mm, m in: mómnur momboor, voogd (mnl. mombore, door assimilatie uit montbore, ohd. muntboro), ló'nurd lombard, wiinjrj aalbessen.

§ 178. f. Syncope van ƒ in: liet heeft, höid hoofd, terwijl in de verbinding fs en fst de ƒ bijna altijd assimileerde, b.v. bustök biefstuk, dazclhsti dezelfde, hems herfst, lests liefste, stèisol stijfsel, vargés vergeefs (zie Kern: Linib. Serm. p. 682), giesta geeft gij, galöisto gelooft gij.

Assimilatie in gtmjch geef mij.

ƒ is niet tot v geworden in: fëli velen, fcrtJg veertig, fiftJg vijftig, flejp vleien, fier vlier, flermöës vleermuis, vorfch vervelen.

Opm. StraovJ straffen, heeft regelmatig v in inlaut tusschen klinkers uit ƒ (vgl. mnl. straven).

§ 179. v. Verscherping tot ƒ vinden we in: pjoel viool (bloem) (lat. viola), prnis vernis (mlat. vernicium), femmasèl vermicelli.

v werd g in zwi-gJl zwavelstok, lucifer (vgl. mnl. mnd. zwevel). Keelletters.

§ 180. k. Syncope van k in: dspres expres, merjt markt,

Pïngstard Pinksteren.

k werd ch in: raochillzsr rakelijzer, iech ik, o'ucli ook; de beide laatste vormen onder duitschen invloed (zie Kern: Limb.

Serm. § 90 vlg.).

k werd n in lintè'ikj litteeken (ohd. lihzeihhan). § 181. g. Syncope van g in ous oogst (vgl. Kern: Limb. Serm. § 61).

Sluiten