Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sterck onderstutten, (ibid. 1067). Met een mees-muylend' lachen, (ibid. 1556). Met een eerbiedigh schamen, (ibid. 1754)- Wil ick een swyghen. (ibid. 1836). Door een mistroostich enden? (Luce'le 2596). In een gedurich leet en lijden, (ibid. 2604). Dat hy om lueren en sneren, als een by-slapen, hem... gaet verstueren. (Moertje 292). Die onder hun drien, op een sitten, droncken. (ibid. 2009). Want dan sal't dapper op een schaap-scheeren gaan. (ibid. 2378). Soo ben ick leyder nu, ach! in een eeuwich klaghen. (Stommen Ridder 8). Want ick ben daar van zin een onbyten tc doen. (ibid. 343). Ghelijck het derven maackt een onophoud:Iijck wroeghen. (ibid. 718). Met een demoedich knielen, (ibid 758)

§ 94-

Het bepalend lidwoord wordt weggelaten:

°. in opsommingen.

Van uwe kracht getuvgen den Hemel, Hel, en Aerd. (Het daget uyt den Oosten 46). 't Goet... en baert maer onhevl, sond', en schand. (ibid. 229). O schoonheydt, net besneden, van leest, van schick, van stal, van swier, van standen, ...van hooft, van hals, van heupen en van handen, (ibid. 3°4)- De Goden... raeckten... aen twist aen strijdt, (ibid. 447)- De schoonheydt, schat, en stam,... ...is dat hem eerst verdoemt, (ibid. 620). Om liefd', om Raserny... is hy doodt. (ibid. 1346). Om u verlaet ick 't al, eer, tijtels, hooghe staten, (ibid. 1352). Daer doch ghewoon vergaren. Moes-koppers, Knevelaers, Straetsschenders, Moordenaren! (ibid. 1435)Helpt u self met stael met vier of koordt. (ibid. 1514)- Een menschelijcke vrucht, die oorsprong neemt uyt Aard', uiyt \\ ater, Vuyr en Lucht? (Rodd. ende Alph. 2093). Voor jonghens, voor boeren, voor vreemdelingen en reysers. (Klucht vanden Molenaer 497). Met loopgracht en met schans, met weeren en bolvvercken, dan kat men kat op kat. (Lucelle 65). Geit, gewelt en gunst breeckt recht, zegel en kunst. (ibid. 434/35)- En sloech... door last, door mast, door sack, door pack, door kat, door hongt, door man, door muvs, door back, door kom, door tin, door bier, door broot, door wijn, door koorn, door sotit, door smout, door teer, door smeer... door bacboort, door stuirboot, ...door stroom, door zee, door lant, door sant, door berch, door klip. (ibid. 1745)tochten..., in slachten en in strijden, (ibid. 2310). Al dees ghebreecken zyn... in de min als laster, quaat vermoen, bekommeringh van sin. (Moortje 34). Ja toornen, stevels, spooren, quispels, en deck-kleen, beere-vellen. (Spa. Brab. 134). Want zy teelt cntschakingh', krackelen, dootslaan en ghewelt. (Stommen Ridder 778). Ghedenckt u niet, ...dat ick u heb doen vinden ghenade, heul en heyl ? (ibid. 2068). Aan maaghschap, en aan bloet,

Sluiten