Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(Rodd. ende Alph. 623). Sijn innerlijck verdriet daar hij 'tHof om verliet, (ibid. 1942). Den druck daar ick in woele. (Griane 958). Den swacken staat, daar ick in leef. (ibid. 1264). Al de swaricheyd, daer sy me beladen was. (Klucht vande Koe 16). Dat goet, daar men de handen me salven. (Lucelle 428). Den Haagh! is myn heer Vaders stadt, daar ick de naam of draagh. (Moortje 542). D'ouwde eenvoudicheyt, daer wy soo veel van spreecken. (Spa. Brab. 1026). De Spieghel sal verdwynen, daer ick myn aengesicht ?oo helder sach in schynen. (De Groote Bron der Minnen, pag. 416, vs. 12).

Opmerking /.

Het gebruik van het bijwoord waar + praepositioneel adverbium is geenszins zeldzaam. Opmerkelijk is hierbij, dat Bredero in dit geval meestal het praepositioneel adverbium onmiddellijk op het bijwoord laat volgen.

De gheen, waar door ick levend ben. (Rodd. ende Alph. 2357). Maar een ander wast, helas ! waar door ick heb genomen myn wegh ov^r de Zee. (Griane 65).

Indien ghv maar 't ghebreck van uwe strafheyt liet, waar met ghy my bereydt een doodelijck verdriet. (Rodd. ende Alph. 64). De middelen waar by, ick veylich my bevry. (Griane 500). De deugde van u ziel: waar met den Hemel u verciert heeft overdadich. (Lucelle 1338). En hel versont gemoet, waer met ghy zijt gewent in wijsheyt te verwinnen. (Boertigh Liedt-Boeck, pag. 362, vs. 11).

Opmerking 2.

Wanneer een bijzin, ingeleid door een' met daar omschreven praepositioneelen vorm, voorafgaat, wordt het pronomen in den hoofdzin niet zelden verzwegen.

Want daar ick eerst van sprack, is mij vergheten strack. (Rodd.

ende Alph. 221). Daar ghy my mede doodt, maackt dat een

ander leeft. (ibid. 322).

II. Voorwerpszinnen.

§ 199-

Voorwerpszinnen kunnen in beknopten vorm voorkomen, als object in den hoofdzin opgenomen ; deze constructie, de accu-

Sluiten