Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ACHTSTE HOOFDSTUK.

E. ELLIPTISCHE ZINNEN.

§ 219.

Het subject ontbreekt vaak in zinnen, die dienst doen als uitroepen, vragen of antwoorden; soms wordt ook het werkwoord dan weggelaten.

Hoe hooger in 't geluck, hoe nader an de val. (Lucelle 406). Wel hoe dus moedeloos? (ibid. 1434)- En dan voort na den Baron toe. (ibid. 1635). Uytter ooghen, uytter harten, (ibid. 1783). Goe Vader goeden dach, waarheen dus vroech, dus snel? (ibid. 2569). Florendus vrundt, hoe dus! gants schielyck op de vaart? (Griane 631). Ghetrout, en wech? (ibid. 1731). Wei hoe myn Heere, hoe dus troosteloos in noot! (ibid. 2115). Wel Roderick! hoe dus afkeerigh en weersoordigh ? (Rodd. ende Alph. 1037). Waar heen dus snel en vlugh? (ibid. 1663). Alle sien. (ibid. 1854). Wel hoe dus, smargens vroe? (Klucht van de Koe 445)- Hay, Avous, langst kijck, so voor ghepepen, soo na ghedangst. (ibid. 547). Wel Landsman (sevd ick,) hoe dus schamel en bedruckt? (Moortje 599). Wel Writsert! wel hoe nu? van waar dees sotte dinghen ? (ibid. 1578). Hoe meer volck meer ontsach. Hoe meer, hoe meer gherucht. (ibid. 2174). Also moer, al den nacht gevochten, (ibid. 2402). O ho, hoe dus verbaast, en dus ontstelt so schichtich. (ibid. 2999). Wel Broeder, hoe dus mistroostich en bedruckt? (Stommen Ridder 2125). Ey waarom gekoesterd sulcken bloed. (Angeniet 2149).

§ 220.

Het subject ontbreekt bij imperativi van den 2™ ps. sing. en plur.

Siet hier de gheen die soo ontsach'lijck is gheweest! (Rodd. endc Alph. 49). Troost u ghevangen. (ibid. 60). Let op myn vrouw Gryaan. (Griane 1993). En doet dan soo je meugt. (Het daget uvt den Oosten 713). Ay wilt toch so langh blijven. (Moortje 1436)-

Sluiten