Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van krachten en collaps succombeeren de patiënten, indien er geen hulp geboden wordt (maaguitspoelingen, bekkenhoogligging of zijligging). We vinden bij de obductie geen spoor van peritonitis. Necrose van den darmwand op de gecomprimeerde plaats niet te vinden.

Daarentegen kunnen volgens Riedel (79) nu en dan wel strengen, die het duodenum afsluiten, de oorzaak zijn van de heftige verschijnselen, maar deze acute maagdilatatie komt ook vaak voor zonder dat er dergelijke hindernissen bestaan. Na operaties (Riedel bespreekt deze ziektegevallen bij de behandeling der galsteen-operaties) kunnen we te maken hebben met een zwakte van den maagwand ten gevolge van een sereuse drenking er van; evenzoo kunnen we een verlamming van de maag aannemen bij een algemeene kachexie. Verder zou in het spel komen een afknikking in het duodenum ten gevolge van een sterke vulling van de maag (rotatie) (?); mogelijk is misschien ook een krampachtige contractuur van den pylorus.

Riedel beschrijft het ziekteverloop aldus: Na de operatie treedt al spoedig braken op, zonder dat de temperatuur stijgt. Komt er geen hulp, dan zet spoedig de boven-buikstreek op, daarna de onder-buikstreek links; tot aan het lig. Poup. sin., resp. tot aan de symphyse is de buik nu gelijkmatig opgezet, terwijl het braken in hevige mate voortduurt. De pols wordt sneller en kleiner, tot 130—140 per minuut, patiënt gaat een vervallen uiterlijk vertoonen, handen en voeten worden koel; men meent het ziektebeeld van een foudroyante peritonitis voor zich te hebben — en toch bestaat er geen peritonitis. Opent men nu n.1. de buikholte, dan vindt men geen spoor van secreet of ook maar van beslag op de intestina; in plaats daarvan dringt zich de donker-blauwroode, enorm

Sluiten