Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wagen stapte, de trein ging rijden, ten gevolge waarvan hij letsel bekwam. In dit geding stelde eischer het volgende vraagpunt ter beantwoording aan gedaagde : „was the plaintiff seen by any and what servants of the Company at the time the signal was given to start the said train, or at the time the train actually started and in what position was he in either or both of those times in relation to the said train and what was he doing ?"

Gedaagde maakte bezwaar tegen de toelating van dit vraagpunt, ten eerste, omdat het vroeg naar bewijs, ten tweede, omdat het was van „fishing nature". Dit twistpunt kwam achtereenvolgens voor den master, den rechter in raadkamer, een divisional court en het Court of Appeal. De Master of the Rolls (president van het Hof van Appel), drukte zijn hooge verontwaardiging er over uit, dat eischer om deze zaak zooveel geld en tijd verkwist had. Twee rechters noemden het een schandaal deze zaak zoo hoog op te voeren.

En toch kan ik het mij best begrijpen, dat eischer het zoo ver stuurde. Allicht hing van dit eene vraagpunt het lot van de gansche vordering af. Voor eischer toch was het een levensvraag zich, hoe dan ook, bewijsmateriaal te verschaffen. Hij was toch zeker daartoe, bij het voorvallen van het ongeluk, niet in staat geweest, en ook later verkeerde hij op dit punt, begrijpelijkerwijs in moeilijke omstandigheden1). Geval-

') Vgl. echter Potter v. Metropolitan Distr. Railw. Co. 28 Law Times. 231, geciteerd door Bray. Pinciples: action for damages arising out of a railway accident, the plaintiff was allowed to ask for the names and addresses of the inspector and of two other servants of the company who accompanied her home

Sluiten