Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aantal ziektedagen vóór de inspuiting.

dagen 0 1 2 8 4 5 6 7—14

Gevallen 51 248 227 161 89 84 28 88

Overleden 1 17 25 26 12 18 2 12

Rhinitis 7 48 51 48 28 12 10 8

Nephritis 8 28 89 44 80 14 10 18

Procentisch

Overleden 1.95 6.S5 11.0 1<>.2 13.5 3N.2 8.7 82.8

Rhinitis 18.7 19.3 22.4 26.7 81.4 85.4 48.4 19.6

Nephritis 5.95 11.8 17.1 27.4 88.7 41.1 48.4 85.5

Voor onze gezamenlijke gevallen, en dat zijn er 871, blijkt dus evenzeer, dat iederen dag later serum inspuiten de prognose ongunstiger maakt. Bijna cyfer voor cijfer ziet men een climax. Met iederen dag langer wachten, meer complicaties en een zwaarder ziektebeeld in het verder beloop der ziekte, want men houde in het oog, dat de cijfers voor rhinitis en nephritis niet alleen den toestand bij opname maar ook het beloop der ziekte weergeven.

Is er wel verder pleidooi voor het serum noodzakelijk, waar de cijfers zoo spreken?

Nog een enkele opmerking rest mij bij bovenstaande rubriek te maken.

Bij de vergelijking der mortaliteitscijfers der verschillende dagen, moet het namelijk onmiddelijk opvallen, hoe in 't oog loopend gunstig dat van 6 dagen is, tegenover de onmiddelijk voorafgaande en volgende cijfers. Is dit aan een bepaalde reden toe te schrijven, of is het toeval in het spel?

Vooreerst is natuurlijk te verwachten, dat na den 5en en 6e» dag het aantal opgenomen kinderen steeds kleiner wordt. De zAvaar zieken brengen het meestal

Sluiten