Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Reeds vroeger hadden wij het met hypodermoclysis beproefd, echter zonder veel succes. De kinderen verzetten er zich geweldig tegen, en het was altijd moeilijk, voldoende vocht in te voeren. Datgingmetderectaalingietingen veel beter. Van v\jf liter, die verspoeld werden bleven byv. den eersten dag twee liter in. Den tweeden dag ging het reeds minder en bleef nog slechts één liter in, den derden dag nog minder. Het succes bleef totaal beneden de verwachting. Het bleek nl. dat de, door toxische stoffen reeds beschadigde, nieren in 't geheel niet in staat waren dergelijke groote hoeveelheden vocht te verwerken. De nieren gingen hoe langer hoe slechter functionneeren en reeds den derden dag trad een volkomen anurie op. Wat anders nooit bij een toxische diphtherie geschiedde, had nu plaats, de kinderen werden geheel hydropisch, kregen convulsies en succombeerden in groote benauwdheid.

Na een drietal proefnemingen: gevallen 591,594,598, die alle succombeerden, zijn wij daarmede spoedig geëindigd.

Lycklama1) is ook later van inzicht veranderd; in zijn laatste publicatie over „watertoevoer bij toxische toestanden", zegt hij, dat bij toxische diphtherie geen heil van de rectaalspoelingen te verwachten is.

Veel beter verdragen de kinderen, wanneer hardnekkig braken is opgetreden, kleine clysmata van 60 a 100 gram, iedere 2 uur ingebracht. Deze deden altijd veel goed, en worden door ons bij 't groot vochtverlies en de geringe voedselopname, onontbeerlijk geacht.

In het laatste jaar heb ik ook gemeend in zware gevallen, waarvan de prognose zich zeer ongunstig liet aanzien, een tijdigen hartprikkel te moeten aanwenden, om ze als het ware over de moeilijke dagen heen te

l) Lycklama a Nijeholt. Netl. Tijdschrift v. Geneesk. 1904.

Sluiten