Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tuinen en akkers met huizen bebouwd en nieuwe «ronden voor land- en tuinbouw binnen de muren

O

getrokken.

Naast den landbouwer woont in de Geldersche en Overijselsche steden in deze eeuw de handelsman, die gedurende de middeleeuwen nog langen tijd tevens handwerksman is. ') Koopman is in de middeleeuwen elk marktbezoeker, ookdekooper, maar in de Hollandsche steden is de handelsman nog weinig bekend. In een reglement voor de scheepvaart en de heffing der tollen op het Zwin van 1252 wordt herhaaldelijk gewag gemaakt van schepen uit Kampen, Harderwijk, Elburg, Deventer, Zwolle en Stavoren; Hollandsche vaartuigen worden niet genoemd. Groningen, dat reeds in de negende eeuw handelsbetrekkingen met Engeland onderhield, bezit aldaar in 1257 belangrijke voorrechten. Levendige handel wordt in de dertiende eeuw tusschen de Overijselsche steden en de Noordsche landen gedreven. De Nederlanders brengen daar wijn, wol en linnen en keeren met hout, bier en paarden weder. In 1289 sluit Kampen met den koning van Noorwegen een handelsverdrag. In dezelfde eeuw treden de Geldersche kooplieden uit Tiel, Arnhem en Nijmegen als de vrachtvaarders tusschen het Duitsche rijk en de

') Vergelijk BüCHER: Entstehung der Volkswirthschaft p. 139.

Sluiten