Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kusten der Oostzee op. In 1306 hebben niet minder dan 1705 schepen beladen met wijn, hout, steenen, haring, cement, zout en andere waren, tol te Lobith betaald. ')

In de veertiende eeuw beginnen de stedelingen

o

zich van het landbouwbedrijf terug te trekken, en in de vijftiende worden er geen landbouwers meer binnen de stadsmuren aangetroffen. Zij zijn naar de dorpen teruggedrongen. Daarmede houden ook de vergrootingen der steden tijdelijk op. Amsterdam is in de middeleeuwen voor het laatst in 1386 uitgelegd. De stad wordt dichter gebouwd, de landerijen worden in straten herschapen, en deze nu ook veelal geplaveid. De huizen, welke voorheen van elkaar verwijderd stonden, grenzen nu aan elkaar, waardoor, omdat zij nog steeds van hout zijn, het brandgevaar vermeerderd is. Een derde gedeelte van Amsterdam is dan ook in 1421 in de asch gelegd, en in 1452 wederom drie vierde.

Thans treden ook de eigenlijke Hollandsche en Zeeuwsche koopsteden op den voorgrond, wier rijkdom weldra dien harer oudere zusters zal overvleugelen. Brielle verkrijgt reeds in 1285 vrijdom voor hare poorters om handel te drijven in Engeland.

1) van Rees, deel i, bl. 39 e. v.

Sluiten