Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zooals het ambacht der handwerkslieden op de hoeve door den heer of zijne ministerialen geleid was, zoo gehoorzamen de zonen dier nijveren in de steden aan de overlieden van het gild, waar het de regeling van het bedrijf betreft.

De gilden zijn kenschetsend voorde economische toestanden in de middeleeuwsche stad; zij komen in alle steden van dit tijdperk voor. In onze gewesten hebben zij nooit de macht in handen gekregen gelijk in andere landen. Alleen in Utrecht hebben zij een tijd lang het stadsbestuur gevoerd.

Elders hebben de gilden geen politieke, alleen sociale beteekenis. De broeders staan eikaar bij in vreugde en leed, zij hebben zieken- en begrafenisfondsen, vereenigen zich bij plechtige gelegenheden aan feesten en gezellige maaltijden.

Maar vooral is de gilde economische vereeniging. Als zoodanig beoogt zij in het algemeen de eerbaarheid, het hooghouden van het ambacht.

Aanvankelijk wil zij dit doel bereiken door goed bewerkte waar tegen billijken prijs te leveren.

Hiertoe dienen de talrijke voorschriften omtrent leerjaren en het meesterstuk, eveneens het verbod van nachtarbeid en de nauwkeurige reglementen, die op de vervaardiging van het artikel betrekkinohebben. Ook de strijd tegen de „beunhazen" — de handwerkslieden, die geen lid van het gilde

Sluiten