Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Weldra Iaat de stad haar macht ook buiten de vrijheid gevoelen. De Utrechtsche brouwers mogen geen mout aan de boeren verkoopen ; geen schoenmaker mag zich van leer voorzien, dat buiten Utrecht gelooid is. *)

Het platteland onderworpen aan het stapelrecht, het privilegie, waarbij de stad tot de marktplaats van een bepaald artikel wordt verheven, is gedwongen zijne waren op deze markt af te zetten. Alle „gewas, telinge en proviande" van Zuid-Holland b.v. moet binnen Dordrecht ter markt gebracht worden op verbeurte van granen en gewassen. Naarden had het stapelrecht voor alle visch op de Zuiderzee gevangen, Utrecht voor die, welke binnen twee mijlen om de stad gezwommen had.

De boter, in het land van Woerden gemaakt, mocht volgens een keur van 1326 nergens anders dan te Oudewater op de markt verschijnen.

Wat het land van Voorne tusschen Oostvoorne en Flakkee opbrengt, wordt te Brielle verkocht. Het koren van Ouddorp, Nuland en Westdijk komt het eerst op de weekmarkt van Goedereede. 2) Het gezag der steden over het platteland vloeit voor een deel uit heerlijke rechten voort. Zij

') Muller, p. 105 e. v. ') Blink I pag. 158, 159-

Sluiten