Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kooprijke Amsterdam zich later mocht beroemen, naar Zeeland zou hebben overgebracht." ')

In 1598 wordt te Amsterdam de eerste synagoge gesticht.

De vermeerdering der welvaart en der bevolking is te bespeuren in de vergrootingen der steden. Amsterdam wordt van 1585 tot 1657 tot viermalen toe uitgelegd.

De eerste vergrooting geschiedt in 1585. Zij breidt de stad aan den IJkant uit met het gebied, waarin de Lastaadje (Geldersche Kade), Oudeschans, Oudewaal en Dwarsboomsloot gegraven worden. Wanneer in 1593 de oostzijden van de Kloveniersburgwal en Oude Schans, het terrein doorsneden door Zwanen- en Leprozenburgwal, Joden Houttuinen, Rapenburg, Hout-en IJgracht er bijkomen, is de stad in acht jaren met 96 morgen en 233*5 roeden vergroot. Maar reeds in 1611 blijkt zij wederom te klein te zijn. Dan wordt het gedeelte er bij getrokken, waarin de HeerenKeizers- en Prinsengracht met Lijnbaans- en Brouwersgracht, Teer- en Haarlemmerhouttuinen liggen. Deze uitleg verdubbelt de oppervlakte der stad; hij verrijkt haar met 303 morgen en 346 roeden.

!) Koenen, Geschiedenis der Joden, pag. 141. — Hij wijst op Benthem, Hollandischer Kirchen- und Schulstaat, Th. i, S. 624.

Sluiten