Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook wat bekend is van den loop der bevolking uit dien tijd, steunt meer op bespiegeling dan op positief vaststaande feiten. De redeneering rust op doop- en begrafenisceelen. Waar evenwel schrijvers uit verschillende landen meer of minder tot dezelfde gevolgtrekkingen komen, mag men aannemen, dat hun beweringen aan de waarheid zeer nabij komen.

Kersseboom neemt evenals zijn tijdgenooten in Engeland, Duitschland en Frankrijk aan, ') dat er verband bestaat tusschen de hoegrootheid van de bevolking der stad en hare nataliteit.

Hoe aanzienlijker de eerste, hoe geringer de laatste. . . . „Dat uit de huwelijken in Amsterdam, zoowel als te Londen en andere koopsteden minder kinderen geboren worden dan uit die van het geheele gros der natie . . 2)

De geboorte is in de groote steden zoo gering, dat zij het deficit, door de sterfte veroorzaakt, niet of nauwelijks aanvult. „Dat het getal der dooden overtreft dat der geborene, hoewel met geen groot getal, heeft Amsterdam — naar Kersseboom verder schrijft — gemeen met alle commerrieerende steden, alwaar veele menschen koomen, die elders geboren, hunne woon

') GRAUNT, I'ETTY, Ring -SilSSMILCH—DÉPARCIEUX. ') Eerste Verhandeling, pag. 26, 27.

Sluiten