Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het onderzoek naar den toestand van den landbouw in Nederland" te lezen staat, „het echt spaansch heeft, en wiens verdienste het geheele jaar door te gering is om hem door den winter te helpen"1), gebrek leed.

Geen wonder, dat krachtige naturen geneigd waren weg te trekken, en de emigratie tot een bedenkelijke hoogte steeg. In het geheel zijn in deze tien jaren 141,685 personen meer uit de plattelandsgemeenten vertrokken dan er zich o-evestigd hebben.

Een nader onderzoek, bij de bewerking van dit proefschrift ondernomen, bracht aan het licht, dat het aantal gemeenten, wier zielental sinds de laatste volkstelling verminderd was, bedroeg :

in 1839 S4 gemeenten

- i849 133

» i859 173

,, 1869 146

.. i879 135 „ 1889 236

In 16 der 52 briesche gemeenten was het zielental gedaald.

In de overige gemeenten nam de bevolkino-

b

toe. Doch het accres bereikte in vele dorpen niet het rijkspercentage van vermeerdering, dat de gemiddelde toeneming door geboortenoverschot

') Vierde Deel, p. 66.

Sluiten