Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rotterdam, 's-Gravenhage, Utrecht en Groningen in 1889 op haar hoogtepunt. Amsterdam maakt een uitzondering. In het jaar 1883 telt men in deze stad het grootste aantal immigranten.

Eveneens is er een stijging in het aantal vertrekkenden waar te nemen. In 1889 trekken uit alle steden de meeste personen weg.

De beteekenis dezer verhuizingen geven de volgende cijfers weer.

Van 1880 tot 1889

hadden waren

zich gevestigd: vertrokken:

te Amsterdam 241,240 pers. 188,551 pers. „ Rotterdam 122,870 „ ') 105,319 ,,

„ 's-Gravenhage 94>3°o ,, 72,806 ,,

„ Utrecht 51,672 „ 43,708 „

Men moet hieruit niet opmaken, dat alle immigranten in de stad bleven, noch dat alle emigranten geboren stedelingen waren, die de gemeente voor altijd den rug toekeerden. Ontegenzeggelijk heeft duurzame vestiging en duurzaam vertrek plaats gevonden, maar ook waren er onder de verhuizenden velen, die tijdelijk kwamen en tijdelijk gingen. De stad bezit in de eeuw van het verkeer nog meer dan in Kersseboom's tijd een aanzienlijke vlottende bevolking.

Deze bestaat in de eerste plaats uit de ,,logeer-

') Hieronder niet begrepen de bevolking van Delftshaven.

Sluiten