Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aangetoond, dat de meeste immigranten naar de hoofdstad in het decennium 1880/1889 tusschen 16 en 35 jaar oud waren, terwijl op ouderen leeftijd meer personen wegtrokken dan zich vestigden. s-Gravenhage kende daarentegen naast het vestigingsoverschot van personen op middelbaren leeftijd een accres van meer bejaarden.

Waar zich nu in Rotterdam hetzelfde verschijnsel als in Amsterdam voordeed, zullen personen in de kracht der jaren een zeer aanzienlijk aandeel van de bevolking dezer steden uitmaken. En eveneens moet de invloed der vestiging der meer bejaarden in 's-Gravenhage en Nijmegen op den opbouw der bevolking naar den leeftijd duidelijk merkbaar zijn.

In de overige steden, waarheen een gemengde bevolking van verschillenden leeftijd trok, zullen de percentages, die de onderscheidene leeftijdsgroepen in de geheele bevolking hebben, niets over de immigranten kunnen zeggen,

Volgens de volkstelling van 1889 bedraagt het aandeel van elke leeftijdsgroep van iedere sexe:

Amsterdam j Rotterdam

M. V. M. V.

o~2°jr. 43,71 % 39,20% 47,18% 40,18%

20-50 „ 40,64 „ 41,67 „ 37,83 „ 42,44 „

5°—65 ,, 11,62 „ 13,15 „ 10,62 „ 11,70 „

Ó5enz.„ 4,03 „ 5,98 „ 4,37 „ 5,68 „

Sluiten