Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bogen, als Twenthe, de Zaanstreek, de veenkoloniën, de Kinderdijk, de Meierij en de mijndistricten in Limburg, volgen industriëele dorpen nu op elkaar. In 1899 wordt in de eerste landstreek Enschede, in de tweede Zaandam onder de groote gemeenten opgenomen.

Naar dergelijke gemeenten, waar het bedrijf voortdurend arbeidskrachten vraagt, zijn de arbeiders nu veelal getrokken. Terwijl in een voorafgaande periode de vermeerdering van het zielental van slechts 149 gemeenten beneden 20,000 zielen het rijkspercentage van accres bereikte, wast nu in 185 der plattelandsgemeenten de bevolking meer dan de gemiddelde Nederlandsche bevolking, die met 13,13% toenam.

Onder deze 185 gemeenten zijn ook visschersdorpen en luxeplaatsen geteld, maar deze behoorden ook tot de 149 gemeenten van een voorafgaande periode.

In de gemeenten, alwaar destijds het zielental door immigratie reeds vermeerderde, is de vestiging i" deze jaren veelal aanzienlijker geweest, en in sommige plaatsen, waaruit voorheen de bevolking wegtrok, stijgt nu de immigratie.

Het bestek van dit proefschrift gedoogt niet, hierop verder in te gaan. Slechts enkele sterk sprekende voorbeelden kunnen hier nog den trek naar de dorpen aantoonen.

Sluiten